Stijn Ouwens: De chaos compleet en dan is daar de verrassing

Stijn Ouwens: De chaos compleet en dan is daar de verrassing

27 september 2016 Uit Door Fietscross Nieuws

Zondag 25 september. TC Venlo. We waren weer eens met z’n allen een weekendje weg. Gezellig, mooi weer, leuke baan, lekker veel ruimte om de baan, alles was helemaal picobello. Wie had kunnen denken dat deze TopCompetitie wedstrijd zo’n wonderbaarlijk verloop zou kennen?

Op zaterdag waren we er al om te trainen en ik kon flink wat rondjes rijden. Het was erg rustig. Logisch want het weekend hiervoor was voor de afdeling Zuid een wedstrijd verreden in Venlo, dus die mannen hadden de baan nog wel goed in de benen zitten. Ik kende de baan ook wel goed, ik was er inmiddels twee keer wezen trainen. Het eerste stuk vond ik wat lastig. De heuvels liggen redelijk kort op elkaar waardoor je niet echt heel veel snelheid kan maken, dat ligt mij niet zo. Ik houd meer van veeleisende, technische, snelle banen. De bochten in Venlo zouden weleens een pijnpuntje voor iedereen kunnen worden. De bochten liggen goed voor de pro-sectie, maar voor ons totaal niet. De eerste en de tweede bocht komen helemaal verkeerd uit, je moet helemaal naar binnen sturen om niet op de pro-sectie te komen. Dus nemen die bochten alle snelheid weg, of je loopt het risico buiten de baan te belanden, omdat iemand onder je door komt. Afijn, genoeg zaken om rekening mee te houden op de wedstrijddag.

Maar eerst maar eens op weg naar ons onderkomen voor de nacht. Een appartement op een boerderij vlak in de buurt van de baan. Het was een grappig appartement, papa en mama sliepen beneden in een bedstee en Teun en ik hadden allebei een eigen kamer op de bovenverdieping. Op het veld bij de boerderij stond een joekel van een trampoline, dus wij vermaakten ons wel voor en na het eten.

Na een lekker nachtje slapen was het dan zover: wedstrijddag!
Eerst konden we nog even trainen, ondertussen hadden papa en mama gezien hoe onze wedstrijdlijsten eruit zagen. Teun had meteen halve finale, maar dat betekende wel dat hij flink hard zou moeten fietsen in de manches. Ik had, zoals eigenlijk iedere wedstrijd de laatste tijd, na de manches kwartfinales. Maar we moesten eerst maar eens manches gaan rijden en niet vooruitlopen op de zaken.

Teun deed het heel erg goed en werd drie keer derde in de manches. Joost Vrij die ook bij FCC Barendrecht fietst zat bij Teun in de manches en die werd drie keer vierde. Die twee kwamen iedere keer met een hele grote lach van de baan af. Teun moest daarna in de halve finale aan de bak. Dat deed hij alweer heel erg goed. Hij startte snel en kwam op het eerste stuk op de tweede/derde plaats terecht. Maar in de eerste bocht ging het fout. Er kwam iemand binnendoor en die dwong Teun zover naar buiten dat hij de pro-sectie op reed en de controle kwijt was. Hij viel, stond wel meteen weer op, maar de rest was natuurlijk al te ver om ze nog in te kunnen halen. Een 8ste plek in de halve finale was voor Teun dus helaas het einde van een wedstrijd waar hij beter op weg was dan de andere grote wedstrijden tot nu toe.. Jammer, maar volgende keer is hij er gewoon weer bij, klaar voor een nieuwe poging om de finale te bereiken.

Mijn manches verliepen ook goed, ik werd de eerste twee manches 1, en de derde manche 2. Dat kwam doordat ik niet oplette in de eerste bocht en daarna niet doorzette om Jaap Rikkers, die mij ingehaald had, weer voorbij te gaan. Papa was niet blij. Die vind dat ik iedere rit alles er aan moet doen. Hij kan er heel slecht tegen als ik me niet volledig geef. Plezier is belangrijk, maar inzet ook. Ik heb daarna ook nog even met mama gesproken, die me ook nog een keer uitlegde dat papa vooral heel teleurgesteld was in de manier waarop ik gefietst had. Ik kon veel beter en moest me niet zo gemakzuchtig opstellen. Nou dat ging ik dan de rest van de dag maar laten zien.
Ik was in ieder geval wel door naar de kwartfinale.

Die kwartfinale werd een aardig knokpartijtje. Ik was bij de start te vroeg weg, knalde tegen het hek en moest toen een hoop goed maken. In de eerste bocht probeerde ik buitenom te gaan, maar dat mislukte, bijna zat ik op de pro-sectie. Toen moest ik weer opnieuw op gang komen. Bodhi Bakker was degene die er als eerste vandoor was en ik zat in het gedrang tussen de rest. Maar op het tweede stuk zag ik ruimte en passeerde zomaar een paar rijders. Het tempo zat er goed in, en in de tweede bocht pakte ik onderdoor ook weer wat mensen. Dat was lekker, ik zag Bodhi voor me. Door naar de halve finale met een tweede plek op zak.

De halve finale was een heftige klus. Het gebeurt wel vaker dat er zware halve finales zijn, maar dit was echt onvoorstelbaar. Even het lijstje namen: Ricky Westerhoff, Steven Rouwé, Jessy Soede, Jan Kraus, Bart Bakker, Guus van den Eijnden, Luuk Cadée. Dit zijn vrijwel allemaal rijders die ervaring hebben met het rijden van finales, maar er kunnen er maar vier naar de finale. In het parc fermé werd flink gemopperd. Hoe kon het dat al deze mannen bij elkaar stonden in één rit? In onze ogen was de andere halve finale ‘veel makkelijker’. Papa zei dat ik daar nu niks aan had. Ik zou me tot het uiterste moeten opladen en zo ervoor zorgen dat ik degene was die bij die eerste vier zat. Ik probeerde me af te sluiten voor de omgeving. Nu moest het gebeuren. Aan het hek was ik zo gespannen als een springveer. Het hek viel en ik was weg. Vrijwel gelijktijdig met Guus die naast mij stond. Tegelijk gingen we de startheuvel af. Op de afloop van de tweede heuvel maakte ik een klein foutje, en meteen was Guus voor me. Nu had ik een probleem want er was ruimte aan de binnenkant. Daar zou weleens iemand in kunnen duiken. We gingen de eerste bocht in en Luuk kwam inderdaad aan de binnenkant. Ik ging meteen weer flink op de pedalen en kon naast hem blijven, zo kon ik niet die veel te krappe bocht uitgeduwd worden. Ik kwam achter Guus als tweede de bocht uit. Omdat ik die net iets ruimer genomen had, had ik meer snelheid, ik sprong de dubbel en ging op weg naar Guus. Maar ik kon me niet alleen op Guus concentreren want ik wist dat er heel veel hele snelle mannen achter me zaten. De jacht was geopend! In de tweede bocht keek ik even snel over mijn schouder. Er was wat ruimte, maar dat was niet veel. Doorgaan, anders zaten ze zo weer in mijn nek. Guus had ook een kleine voorsprong, dus ik reed een beetje in de ruimte, toch durfde ik niet te ontspannen. Ik nam het derde stuk alleen maar pompend, niks achterwielen of springen. Dat was eigenlijk niet handig, want daar lag niet mijn kracht, maar ik was zo bezig met voorop blijven dat ik helemaal vergat om zo te rijden zoals het voor mij het beste ging. In de laatste bocht zag ik dat Bart opeens dichterbij kwam, dus ik zette nog maar even aan en dat was genoeg, Guus was te ver weg, maar de tweede plek was binnen. Naar de finale na wat misschien wel de heftigste rit van dit seizoen was geweest.
Finaletijd. Dat werd dus een finale met wat andere namen dan de afgelopen TC’s. Bart, Jason Noordam, Luuk en Guus, maar ook Jaap Rikkers, Lars van Vliet en Jelte Jochems. Dat maakte me nogal onzeker. Ik had net heel goed gepresteerd in een zware race, maar ik had geen idee wat ik van deze rit moest verwachten. Ik had met papa wel afgesproken dat ik zo ver mogelijk naar binnen zou gaan staan. Ik mocht als derde mijn startplek kiezen, maar met zo’n kort eerste stuk met ook nog eens drie flinke heuvels was er normaal gesproken geen tijd of ruimte om vanaf buiten naar binnen te komen. Guus ging op baan 1 staan, maar Jason die als eerste mocht kiezen schoof helemaal door naar plek 4. Ik bedacht me geen moment en ging op plek 2 naast Guus staan. Dat was net ook goed gegaan.

We werden voorgesteld en ik voelde me toch wel zenuwachtig. Ik had nu wel voor deze plek gekozen, maar ik had net zo’n goede start nodig als in de halve finale.
De lichten gingen lopen en ik twijfelde, ik dacht dat ik te vroeg was, maar daardoor was ik te laat… (op het filmpje van de finale zagen we later dat mijn eerste beweging precies op tijd was, maar ja). Ik moest nu mee zien te komen. Dat was lastig, want ik reed aan de binnenkant, en daar kwam iedereen naar toe. Ik werd van alle kanten ingesloten, maar ik bleef toch doorgaan in de hoop dat er in de eerste bocht ruimte zou komen. Ik kon toch nergens anders heen. Maar ik moest steeds langzamer omdat iedereen van buitenaf naar binnenkwam. In de eerste bocht kwam Jason ook nog onderdoor en voor ik het wist reed ik laatste. Maar nu zag ik opeens heel veel ruimte voor me. In mijn ooghoek zag ik Luuk rechts van de baan af gaan. Geen idee wat daar gebeurd was. Er was nog meer ruimte. Ik ging snelheid maken voor een achtervolging. Stuurde naar de binnenkant van de tweede bocht en zag opeens Jelte en Bart heel ver omhoog gaan in de bocht en hoorde het geluid van vallende fietsen. Voor me reden Jason en Jaap en daar weer voor, maar veel te ver weg, Guus en Lars. Ik had meer snelheid dan Jason en Jaap en denderde er op af. Opeens raakten zij elkaar, Jaap ging onderuit en Jason schreeuwde het uit van de pijn. Hij was nog wel overeind, maar toen ik voorbijkwam vliegen hoorde ik hem schreeuwen. Alleen Guus en Lars waren nog over, maar die reden heel ver voor me. Wie weet wat er nu nog kan gebeuren schoot door mijn hoofd, doorgaan maar. Maar Guus en Lars bleven wel overeind. Toen ik over de streep kwam besefte ik opeens dat ik derde was geworden in deze chaos. Ik maakte me wel ongerust, het duurde nogal lang voordat iedereen over de finish kwam. Jason en Bart hadden duidelijk heel veel pijn en waren ook heel boos. Ze waren duidelijk niet blij met wat er gebeurd was. Maar ik was derde, nu eens een keer niet degene die betrokken was bij alle ellende. Dat was ook wel eens fijn.

Onderweg naar huis bespraken we de finale nog maar eens, ik begreep niet zo goed hoe het kwam dat het zo fout liep, terwijl in de halve finale iedereen harder ging en veel dichter bij elkaar zat en er niemand gevallen was. Papa zei dat dat alles met ervaring te maken heeft. Boys 11 is een hele zware klasse, dat blijkt telkens weer, ook bij buitenlandse wedstrijden (vier van de acht finalisten op het EK waren Nederlanders). Dat betekent dat die rijders enorm veel ervaring hebben en goed met dat soort omstandigheden om kunnen gaan. Dat hebben ze geleerd. Voor minder ervaren rijders is dat veel enger, spannender en dus kan er dan weleens iets fout gaan. Dat wil niet zeggen dat minder ervaren rijders slechter zijn, maar als het benauwd wordt willen die nog weleens onverwachte (en misschien onverstandige) dingen doen. Dat hadden we vandaag gezien. Papa zei er nog bij dat ik dat niet als een gemene opmerking moest zien. Dat heet leren, en dat gaat met vallen en opstaan.
Ik was in ieder geval blij met mijn derde plek, want ook dit was BMX!

www.stijnouwens.nl

De vele mogelijkheden bij Fietscrossnieuws.com

 

Reageer